Het is vaak geen toeval. Overdag gaat het nog redelijk en dan ineens, precies als jij wil dat iedereen aan tafel komt of richting bed gaat, barst de bom.
"Ik zat als eerst op deze plek", "nee jij zat daar gisteren ook al, nu mag ik!"
Veel ouders herkennen dit patroon. Hun kinderen maken de hele dag door wel ruzie, maar rond etenstijd en bedtijd lijkt het sneller en heftiger te escaleren.
Waarom juist etenstijd en bedtijd zo gevoelig zijn
Etenstijd en bedtijd zijn overgangsmomenten. Er wordt iets afgerond en er wordt iets nieuws verwacht. Dat vraagt veel van kinderen, zeker van jonge of (hoog)gevoelige kinderen. Ze moeten stoppen met spelen, wachten, luisteren en meebewegen. En dat terwijl hun hoofd en lijf vaak al vol zitten met prikkels van de dag.
Op zulke momenten is de ruimte om frustratie op te vangen klein. Wat eerder nog lukte, lukt dan ineens niet meer. En dat zie je terug in ruzies.
Waarom kleine dingen dan ineens groot worden
Rond deze momenten stapelen prikkels zich op. Honger, moeheid en spanning zorgen ervoor dat kinderen sneller reageren en minder kunnen relativeren.
Een blik, een opmerking of een arm die net te dicht bij komt, kan genoeg zijn om een ruzie te laten ontploffen. Niet omdat het onderwerp zo groot is, maar omdat de rek eruit is.
Dat is ook de reden dat ouders zich op deze momenten vaak ineens scheidsrechter voelen. Het lijkt alsof je om de haverklap moet ingrijpen om de boel bij elkaar te houden. Je hebt het gevoel dat je er net wat meer bovenop moet zitten: sneller corrigeren, sneller beslissen wie gelijk heeft, sneller ingrijpen om verdere escalatie te voorkomen.
Dat is begrijpelijk, maar het werkt vaak averechts. De spanning zakt er niet van, die verschuift. Ruzies worden korter, maar feller. Of ze stoppen aan tafel en komen boven in volle kracht terug.
Dit zie je vooral in gezinnen waar kinderen al vaker ruzie maken of waar conflicten sneller fysiek worden.
Waarom voorkomen niet hetzelfde is als begeleiden
Ruzies rond etenstijd of bedtijd helemaal voorkomen is meestal geen realistisch doel. Deze momenten blijven gevoelig, ook als je alles zo goed mogelijk probeert te organiseren.
Wat wel verschil maakt, is hoe je ermee omgaat. Niet door elk conflict op te lossen, maar door te kijken wat kinderen op dat moment nog wel aankunnen.
Soms is dat begrenzen. Soms juist vertragen. En soms betekent het accepteren dat dit geen moment is om iets uit te praten of te leren.
Wil je leren hoe je juist deze kwetsbare momenten kunt begeleiden zonder dat je elke avond uitgeput eindigt of steeds in dezelfde patronen belandt? In de training Strijd Tussen Broers en Zussen gaan we hier dieper op in, met concrete scripts voor verschillende leeftijden.






